De burger als partner? Als dat maar goed gaat!

De mate van deelname aan de civil society kan niet door de overheid worden bepaald maar is
een zaak van eigen motivatie en kunnen van de burger. Wel mag en kan de overheid haar
burgers hiertoe proactief uitnodigen en faciliteren. Jornt van Zuylen, aanjager
burgerintaitieven Binnenlandse Zaken, geeft zijn visie.
Pascal van Wanrooij

Wat is volgens jou de definitie van een burgerinitiatief?
Op het ministerie van Binnenlandse zaken gebruiken wij de definitie zoals die beschreven wordt in de
Handreiking Burgerinitiatief van het Instituut voor Publiek en Politiek (IPP), namelijk: ’...een activiteit
van één of meer burgers, die gericht is op bevordering van het algemeen belang, een meerwaarde
voor de gemeenschap heeft, in het publiek domein plaatsvindt, waarbij de overheid op enig moment
een rol speelt en de initiatiefnemers “geestelijk eigenaar” van het initiatief blijven’.
Wat speelt op ons ministerie is de discussie representatieve versus participatieve democratie. In de
representatieve democratie doen bestuurders hun werk namens de burgers. Inzet van beleid is dan de
burger te betrekken bij de maatschappelijke discussie en het bevorderen van inspraak bij beleid. De
overheid neemt uiteindelijk 100% verantwoordelijkheid voor het te nemen besluit. De burger doet mee
met de overheid. In de participatieve democratie neemt de burger zelf het initiatief voor een actie
binnen het publieke domein en vraagt al dan niet de overheid voor ondersteuning. Inzet van beleid is
dan om, desgewenst, het initiatief te steunen door te zorgen dat de overheid niet ‘in de weg‘ staat of
als partner bij te dragen, ook al sluit het initiatief niet altijd aan bij bestaand beleid.
In mijn opinie zijn beide vormen van democratie complementair. Soms moet een overheid zijn
verantwoordelijkheid nemen en kaders stellen voor het algemeen belang. In andere gevallen moet de
overheid durven loslaten en het initiatief overlaten aan de burger zelf. De uitdaging voor de overheid is
om iedere keer weer opnieuw te bepalen welke strategie en rol gewenst is.

Wat doet de overheid om de participatieve democratie te versterken?
In het regeerakkoord staat: 'De overheid laat burgers ruimte om initiatief te nemen en rust hen toe om
voluit mee te doen.’ Dit vergt een andere houding van de ambtenaar en de overheid gericht op
facilitering en ondersteuning. De landelijke overheid is hier nog onvoldoende op ingericht en is traag in
verandering en het overnemen van nieuwe ideeën. Toch zie je ook bij de landelijke overheid goede
ontwikkelingen als de doorontwikkeling van het WMO beleid, het ondersteunen van de ontwikkeling
Welzijn Nieuwe Stijl of iets praktisch als de website Idee VROM, een ideeën loket voor
initiatiefnemers.
Binnen onze afdeling richten we ons met ‘Help, een burgerinitiatief’ en ‘In actie met burgers’ vooral op
de lokale ambtenaren omdat wij vinden dat het ondersteunen van burgerinitiatieven vooral een zaak is
van de lokale overheid. Wij zoeken samen met de lokale ambtenaren naar antwoorden op vragen als
Hoe geef je de burger ruimte? Welke ondersteuning biedt je en hoe zorg je ervoor dat het initiatief bij
de burgers blijft? Hoe laveer je als ambtenaar tussen het belang van het bestuur en het belang van de
burger? Hoe genereer je initiatieven als ambtenaar en kan dat wel?
Wat begon met een boek ‘Help! een burgerinitiatief’ met een prikkelende verkenning van het thema is
nu uitgegroeid tot een waardevol kennis en ervaringsnetwerk. Er zijn regelmatig bijeenkomsten in het
land waar kennis en ervaring wordt gedeeld. We brengen binnenkort een methodiekenwaaier uit en
werken aan een training voor ambtenaren. Wat ons betreft is het dan ook niet meer Help! een
burgerinitiatief maar Help een burgerinitiatief!

Wat zijn volgens jou de drie belangrijkste leerpunten uit Help een burgerinitiatief?
Allereerst durven loslaten. Als je mensen aanspreekt op hun eigen kracht dan is de ervaring dat ze
die verantwoordelijkheid ook nemen. Voorwaarde is wel dat je als overheid in staat en bereidt bent
zelf verantwoordelijkheid los te laten. Zo zijn er voorbeelden van gemeenten die het hebben
aangedurfd de besteding van (een deel van) de wijkbudgetten geheel over te laten aan de bewoners
zelf. Wat je daar ziet is dat de bewoners vaak zuiniger zijn in het uitgeven van geld dan de
ambtenaren. Een ander goed voorbeeld van loslaten op meer fysiek terrein is het Shared Space, een
nieuwe benadering voor de inrichting van de openbare ruimte. Shared Space zet in op vrijwillige
gedragsverandering van alle gebruikers van de openbare ruimte door verkeersregels en in het
bijzonder verkeersborden en typische verkeerskundige elementen te vervangen door sociale regels.
Verder is van belang dat de overheid niet in de weg staat van een burger met een idee. Vaak doven
initiatieven van burgers omdat ze de weg niet vinden in de bureaucratische systeemwereld.
Ambtenaren hebben moeite mee te denken met burgers over hoe hun idee kan worden gerealiseerd,
zeker als het idee niet aansluit bij het gemeentelijk beleid. In dit verband vind ik de term groene golf
ambtenaar wel passen. Een groene golf ambtenaar denkt mee en ontlast de burger zo veel mogelijk
door de bureaucratische rompslomp voor zijn rekening te nemen. Een goed voorbeeld is Tiel waar aan
initiatieven van burgers een ambtenaar word verbonden die de burger helpt het initiatief door het
ambtelijk apparaat heen te loodsen. Voordeel van deze aanpak is dat de ambtnaar ook echt betrokken
raakt bij het initiatief en zich er hard voor gaat maken binnen zijn organisatie.
Maak er geen beleid van. Hiermee wil ik zeggen dat ambtenaren vaak de neiging hebben om goede
initiatieven op te schalen en op te nemen in het beleid van de gemeente. Dit is vaak niet in het belang
van de initiatiefnemer die zijn initiatief ziet worden overgenomen en steeds minder zeggenschap heeft
over en betrokkenheid voelt bij het initiatief.

Tot slot, is een goede burger een actieve burger?
Er moet bij veel ambtenaren nog een knop om wat betreft participatieve democratie. We moeten er
echter voor waken dat, als de omslag er komt, we hier niet in doorslaan. Participatieve democratie
gaat uit van de motivatie en het kunnen van burgers zelf, het mag en kan niet worden opgelegd door
de overheid. Bijna alle burgers zijn op hun manier actieve burgers. Juist die eigenheid en diversiteit
moeten we als overheid waarderen. Dus niet alleen applaus voor de maatschappelijk actieve super
vrijwilliger maar voor alle pogingen van mensen om zich te binden en verbinden in onze samenleving.  

Aanmelden Nieuwsbrief Alleato



Alleato is een adviesbureau voor sociale vraagstukken in de provincie Utrecht. Wij brengen overheden, instellingen, burgers en bedrijven bij elkaar en ondersteunen hen bij het benutten van hun kwaliteiten. Alleato heeft krachtige netwerken en brengt nieuwe inzichten in de praktijk.