Benut de kansen van informele opvoedondersteuning

Informele opvoedondersteuning heeft veel potentie. Gemeenten en Centra voor Jeugd en Gezin kunnen de mogelijkheden ervan beter benutten.

In veel gemeenten in de provincie Utrecht zijn inmiddels Centra voor Jeugd en Gezin (CJG’s) actief. Deze centra hebben onder andere een taak bij de ondersteuning van ouders bij opvoedvragen. Ouders zijn echter nog weinig bekend met de CJG’s. Uit onderzoek van Regioplan uit april 2010 blijkt dat er nog weinig gebruik wordt gemaakt van de inlooppunten van CJG’ s. Dit beeld overheerst ook in de provincie Utrecht. CJG’s hebben moeite om bepaalde groepen, zoals niet-westerse allochtone ouders, te bereiken.
Intussen leven er bij ouders veel vragen en zorgen rond opvoeding. Soms is sprake van regelrechte ’opvoedstress’. 88 Procent van de ouders vindt het ouderschap vermoeiend en stressvol, zo leert recent onderzoek van het tijdschrift J/M (1). Hoogleraar Micha De Winter pleit voor het meer ‘organiseren van gemeenschappelijkheid’. Volgens hem moeten ouders meer met elkaar in contact komen, en meer met elkaar praten over opvoeding. Ze moeten de opvoeding weer samen gaan doen (2) . Dat strookt met bevindingen van ander onderzoek: 30 procent van de ouders heeft behoefte aan het onderling uitwisselen van vragen over opvoeding (3). Vanuit die behoefte komen in de praktijk ook allerlei informele opvoednetwerken van de grond. Voorbeelden zijn zogenaamde ‘opvoedparty’s’ (4) of bijeenkomsten zoals ‘De tijd van je leven’ van de Family factory (www.familyfactory.nu). Ouders wisselen informatie uit en geven elkaar tips over opvoeden. Soms ontstaan deze initiatieven vanuit de civil society, soms worden ze gecoördineerd vanuit instituties. Een voorbeeld daarvan is Home Start. In dit project bieden ervaren en getrainde vrijwilligers ondersteuning en praktische hulp aan ouders met ten minste één kind van 6 jaar of jonger.

Effect
Gemeenten en Centra voor Jeugd en Gezin zouden de informele opvoednetwerken en informele ondersteuning door vrijwilligers beter moeten benutten. Allereerst kunnen ze op die manier groepen bereiken die nu buiten beeld blijven, omdat er tegen formele opvoedondersteuning nogal eens weerstand bestaat, met name onder lager opgeleide groepen (5). Informele opvoedondersteuning is bovendien goedkoper dan professionele ondersteuning, niet onbelangrijk in tijden van bezuinigingen. Verder is het effect van informele opvoedondersteuning vaak groter dan de formele ondersteuning door professionals, vooral omdat het intensiever is. Bij Home-Start bezoeken vrijwilligers de gezinnen eens per week, een heel jaar lang, terwijl een CJG op jaarbasis maximaal vijf gesprekken kan voeren met ouders.

In huis halen
CJG’s kunnen op verschillende manieren inspelen op de mogelijkheden van informele opvoedondersteuning. Een mogelijkheid is binnen het centrum ouderbijeenkomsten te organiseren. Zo haal je je doelgroep in huis. Als ouders al eens bij een CJG binnen zijn geweest, stappen ze er naderhand makkelijker binnen met eigen, specifieke opvoed- en opgroeivragen. Via ouderbijeenkomsten kunnen ook de wensen en behoeften aan opvoedingsondersteuning worden gepeild. Daarvoor hoeven geen aparte ouderpanels te worden opgericht.
In sommige gevallen is het verstandig als het CJG vooral een faciliterende rol speelt.
Onderzoeker Ibrahim Yerden pleit voor bijeenkomsten op scholen, met name om allochtone ouders te bereiken, die vaak een groot wantrouwen koesteren tegen jeugdzorg en andere hulpverleningsinstanties. De school is een neutrale plek.

Investering
Meer inzetten op informele opvoedondersteuning biedt CJG’s grote voordelen. Maar het vraagt ook een investering. Wie vrijwilligers inzet, moet ze wel trainen en de kwaliteit van hun werk bewaken. Vrijwilligers inzetten vraagt ook een omslag in denken van professionals van CJGs en instellingen op het gebied van welzijn en kinderopvang. Staan ze negatief tegenover structurele inzet van vrijwilligers, dan is informele opvoedondersteuning lastig in te bedden in de organisatie.
Informele opvoedondersteuning vraagt van de professionals ook andere vaardigheden dan de traditionele deskundigenrol. Ze moeten in staat zijn om mensen aan het praten te krijgen, veiligheid te creëren in de groep, kunnen omgaan met groepsdynamiek en zorgen dat bepaalde mensen het gesprek niet domineren.

Jeugdbeleid
Slagen gemeenten erin informele opvoedondersteuning effectief in te zetten, dan is dat pure winst. Voor ouders, maar ook voor gemeenten en hun CJG’s. Het stelt ze beter in staat om te voldoen aan hun taken op het gebied van preventief jeugdbeleid. Door informele ouderbijeenkomsten te organiseren werkt een gemeente al aan drie van de vijf WMO- taken: het geven van informatie en advies, het (vroeg) signaleren van problemen en het verwijzen van ouders naar het lokale en regionale aanbod. Een mooi voorbeeld van een win-winsituatie.

Noten
(1) Micha de Winter (2010). Samen uit de opvoedingskramp. Interview Micha de Winter, hoogleraar maatschappelijke opvoedingsvraagstukken. Volkskrant, 24 augustus 2010.
(2) De Winter voert hiertoe een proefproject uit, de ‘’pedagogische civil society’’, in opdracht van het Ministerie van Jeugd en Gezin.
(3) Lucy Jacobs (2010). Het CJG als ontmoetingsplek voor ouders. www.gemeente.nu,10-2-10.
(4) Anneke Stoffelen (2010). Avondje pedagogie met cake. Volkskrant,16-2-10.
(5) Ibrahim Yerden in: Brigit Kooijman (2010). Opvoedingshulp kan het beste via school. Binnenlands bestuur, 14 juni 2010. Lees meer

Aanmelden Nieuwsbrief Alleato



Drs. Justine Anschütz

Justine Anschütz

senior adviseur

030 239 43 92
email | profiel

Alleato is een adviesbureau voor sociale vraagstukken in de provincie Utrecht. Wij brengen overheden, instellingen, burgers en bedrijven bij elkaar en ondersteunen hen bij het benutten van hun kwaliteiten. Alleato heeft krachtige netwerken en brengt nieuwe inzichten in de praktijk.