Beleid
Landelijk
Met de oprichting van het netwerk en de stichting Ambtenaar2.0 bevordert de overheid sinds 2008 ‘de uitwisseling van ideeën, kennis en praktijkervaringen met betrekking tot de wijze dat ambtenaren om kunnen gaan met de mogelijkheden van moderne internettechnologie in de dagelijkse beroepspraktijk en interactie met de omgeving.’ (uit: http://teksten.ambtenaar20.nl). Hieraan ten grondslag ligt de ontwikkeling van het internet en het mondiger worden van burger. Door middel van een digitaal netwerk en bijeenkomsten probeert ambtenaar2.0 ambtenaren en burgers vorm te geven aan een nieuwe manier van werken van de overheid, de veranderende relatie tussen burger en overheid, de interne organisatie van de overheid en de manier van werken van de ambtenaar. Deze nieuwe overheid en de nieuwe relatie met burgers geeft idealiter meer ruimte aan informele burgerinitiatieven. Een ambtenaar 20.0 weet immers over zijn beleidsgrenzen heen te kijken, de burger centraal te stellen en daarbij gebruik te maken van het web 2.0.
Provinciaal
Met het programma Sociale Agenda heeft de provincie Utrecht de afgelopen jaren het wijkgericht werken in gemeenten gestimuleerd. Hierbij gaat het om samenwerking vanuit een integrale aanpak op een overzichtelijk en werkbaar niveau: de wijk. Er zijn verschillende projecten (mede)gefinancierd, gericht op het verbeteren van de directe leefomgeving van onder andere jongeren. Onderdeel van het wijkgericht werken is het ruimte geven aan initiatieven van burgers; formeel en informeel. Wijkmanagers, sociaal makelaars en wijkteams kunnen een faciliterende rol spelen bij bewonersinitiatieven.
Gemeentelijk
Met het onderzoek Participatie in de lokale politiek inventariseerde het Instituut voor Publiek en Politiek inventariseerde in 2010 gemeentelijk beleid en activiteiten op het gebied van burgerparticipatie. Zo vroeg het IPP naar de rol die bewoners kregen in de verschillende participatiemethoden die de gemeenten inzetten en maakt daarbij gebruik van de zogenoemde Participatieladder (zie onder). De helft van de gemeenten gaf aan dat de hoogste rol van inwoners een geraadpleegde was, in alle participatiemethoden die zij inzetten. Om burgers te betrekken bij beleid (verticale participatie) hielden zij naast inspraakavonden, met name wijkoverleggen en enquêtes. Ruim 46% van de gemeenten uit het onderzoek werkt met een vorm van dorps- of wijkbudgetten.
Participatieladder
| A.Informeren | Politiek en bestuur bepalen zelf de agenda voor besluitvorming en houden betrokkenen hiervan op de hoogte. Zij maken geen gebruik van de mogelijkheid om betrokkenen een inbreng te geven in de beleidsontwikkeling. Rol participant: toehoorder |
| B.Raadplegen | Politiek en bestuur bepalen in hoge mate zelf de agenda, maar zien betrokkenen als gesprekspartners bij de ontwikkeling van beleid. De politiek verbindt zich echter niet aan de resultaten die uit de gesprekken voortkomen. Rol participant: geconsulteerde. |
| C. Adviseren |
Politiek en bestuur stellen in beginsel de agenda samen, maar geven betrokkenengelegenheid om problemen aan te dragen en oplossingen te formuleren, waarbij dezeideeën een volwaardige rol spelen in de ontwikkeling van beleid. De politiek verbindt zich in principe aan de resultaten, maar kan bij de uiteindelijke besluitvorming hiervan (beargumenteerd) afwijken. Rol participant: adviseur. |
| D.Coproduceren | Politiek, bestuur en betrokkenen komen gezamenlijk een agenda overeen, waarna samen naar oplossingen gezocht wordt. De politiek verbindt zich aan deze oplossingen met betrekking tot de uiteindelijke besluitvorming. Rol participant: samenwerkingspartner. |
| E.Mee)beslissen |
Politiek en bestuur laten de ontwikkeling van en de besluitvorming over het beleid over aan de betrokkenen, waarbij het ambtelijk apparaat een adviserende rol vervult. De politiek neemt de resultaten over, na toetsing aan vooraf gestelde randvoorwaarden. Rol participant: medebeslisser. |
| F. Zelfbeheer | Groepen nemen zelf het initiatief om in eigen beheer voorzieningen tot stand te brengen en te onderhouden. Politiek en bestuur zijn hier niet bij betrokken. |
Uit: www.prodemos.nl
In de provincie Utrecht
]In 2010 voerde Alleato een analyse uit van de nieuwe collegeprogramma’s van gemeenten in de provincie Utrecht, na de gemeenteraadsverkiezingen dat jaar. Wat opviel was dat veel nieuwe coalities inzetten op vergroting van de zelfstandigheid, zelfredzaamheid en participatie van de burger. In de analyse is een onderscheid gemaakt tussen beleid op actief burgerschap (het aansluiten bij initiatieven van burgers: horizontale participatie) en op burgerparticipatie (het betrekken van burgers bij beleid en het doen van een beroep op hen: verticale participatie).
In 52% van de coalitieakkoorden kwam het thema actief burgerschap op de een of andere manier terug. Dit werd vormgegeven door burgers te laten meebeslissen op wijkniveau als onderdeel van wijkgericht werken, bijvoorbeeld door ‘bijpraatavonden’ met burgers in Lopik. In de gemeente Utrechtse Heuvelrug worden hierbij digitale middelen ingezet en een virtueel dorpsplein opgezet. Een aantal gemeenten biedt expliciet ruimte aan burgerinitiatieven in de wijk. Zo knapt Montfoort samen met buurtbewoners door hen gekozen buurtterreintjes op en richt deze in voor buurtactiviteiten en ontmoetingsplekken. In Wijk bij Duurstede worden initiatieven, van bijvoorbeeld vrijwilligersorganisaties beloond. Ook financieel krijgen burgers soms zeggenschap, in de vorm van wijkbudgetten (zie onder).
Burgerparticipatie, het betrekken van burgers en een beroep doen op burgers, is een prominent thema dat door vrijwel alle gemeenten (95%) in de provincie Utrecht wordt genoemd. Zo willen vrijwel alle gemeenten de kloof tussen gemeentebestuur en burgers verkleinen door burgers meer en eerder te betrekken bij besluitvorming. Interactieve beleidsvorming met inzet van nieuwe (sociale) media wordt hierbij zeer vaak genoemd. Gemeenten verwachten meer ‘coproductie’ met bewoners, i.v.m. de bezuinigingen. Wijken worden in toenemende mate verantwoordelijk voor hun eigen ‘welzijn’, groen en veiligheid (o.a. IJsselstein, Zeist, Baarn). Wijkplatforms en wijkcontactpersonen krijgen eveneens een impuls in een aantal gemeenten. Het is een vorm van verticale participatie, die veel wordt toegepast, maar niet erg succesvol is. De platforms zijn niet representatief, bestaan vaak alleen uit autochtone, oudere inwoners, die te weinig relatie met de rest van de wijk hebben.
Kennis Dossiers | burgerparticipatie in gemeenten




